Nederland Ontwaakt!

UbuntuFM | Nederland Ontwaakt!

Nu ons land zich langzaamaan vrijmaakt uit de greep van de Corona lockdown, wordt er gewerkt aan wetgeving van tijdelijke aard, maar met een permanente strekking, die veel verder gaat dan de maatregelen die zijn genomen tijdens de lockdown. 

 

Staat van pandemie

Met invoering van de Corona Wet zal ons land terechtkomen in een permanente staat van pandemie. Ook al is de wet nu tijdelijk uitgesteld, dit neemt het voornemen om een dergelijke wet in te voeren niet weg. Het is daarom relevant om eens beter te kijken naar de inhoud.

Deze 'tijdelijke Wet maatregelen covid-19' vormt een nieuw juridische kader, waarbij bestaande wetgeving wordt aangepast en deels wordt overschreven; waarbij bestaande en nieuwe bevoegdheden langs de lijnen van Ministeriële regelingen worden gedelegeerd aan niet democratisch verkozen bestuursorganen; waarbij de ‘dringende adviezen’ en noodverordeningen uit de lockdown worden omgezet in nieuwe wetgeving en ‘verboden’.

Abnormaal

De Corona Wet betekent een uitholling van onze democratie en roept de vraag op of er nog wel sprake kan is van een volwaardige democratie, aangezien ze ingrijpt op nagenoeg elk facet van het openbare en besloten leven in ons land. Deze draconische wet is van toepassing op de bestrijding van de epidemie, of een directe dreiging daarvan, maar herijkt de-facto onze samenleving naar ‘het nieuwe normaal’ een permanente 'staat van pandemie'.

Dit nieuwe normaal is abnormaal en de wijze waarop het tot ten uitvoer wordt gebracht, ondemocratisch, ondoorzichtig en buiten-proportioneel.

Onlogisch

Ons land heeft tot dusver de Corona dreiging goed het hoofd weten te bieden. Waarom is er dan een nieuw juridisch kader en instrumentarium nodig? Waarom zou dit wenselijk zijn? Het lijkt onlogisch.

Heeft de bevolking hierom gevraagd? “Help ons, we redden het niet!” Nee, de samenleving heeft om economische steun gevraagd, omdat de lockdown de economie ernstige schade toebrengt. Burgers en bedrijfsleven hebben zich in overgrote meerderheid gehouden aan de genomen maatregelen. Er is geen sprake geweest van verstoring van de openbare orde, bestuurlijke chaos, of anders dan economische ontwrichting van de samenleving. 

De (wereld)economie ligt in puin, zoveel zal wel blijken de komende jaren, maar waaruit blijkt de noozaak tot nieuwe wetgeving? Tenzij voor de huidige maatregelen een toereikende juridische basis ontbreekt, die nu met deze nieuwe wet moet worden geformaliseerd. Dat deze veronderstelling niet uit de lucht is gegrepen, mag verder blijken uit de publicatie op www.binnenlandsbestuur.nl van 27 april 2020:

 De nieuwe wet moet een einde maken aan de, volgens juristen, ‘onhoudbare’, ‘ondemocratische’ en ‘ongrondwettelijke’ noodverordeningen. De daarin vastgelegde maatregelen als het verbod op groepsvorming zonder anderhalve meter afstand te houden, raken de grondwettelijk vastgelegde vrijheid van vereniging, godsdienst en onderwijs…  

 Ingaan tegen de Grondwet is alleen toegestaan als het wettelijk is vastgelegd - dat is bij de noodverordeningen niet het geval. De nieuwe wet moet dat beter regelen, waardoor burgerrechten (tijdelijk) ingeperkt kunnen worden. Dat kan betekenen dat burgers makkelijker gestraft kunnen worden als ze maatregelen niet opvolgen. (ANP)  

 

Tegenstijdig

Tijdelijke bepalingen in verband met maatregelen ter bestrijding van de epidemie van covid-19 voor de langere termijn. 

Dit is de letterlijke titel van de wet. 

Een juridische basis voor de langere termijn waarbij tijdelijk een aanvullend wettelijk instrumentarium wordt gecreëerd? Het woord ‘tijdelijk’ komt 30x terug in de tekst. Het lijkt wel alsof de opstellers het tijdelijke karakter van de wet hebben willen benadrukken, maar een permanent karakter voor ogen hebben. 

Zo valt verder te lezen in de aanhef van het wetsvoorstel, dat de Ministers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), Justitie en Veiligheid, Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in overweging hebben genomen: 

 …dat het wenselijk is voor de huidige fase van de bestrijding van de epidemie van covid-19 tijdelijk een aanvullend wettelijk instrumentarium te creëren in de Wet publieke gezondheid dat voor de langere termijn een juridische basis vormt voor een samenleving waarin het houden van afstand en gedragsvoorschriften van groot belang zijn,…  

Noodwet

Vanzelfsprekend wordt met een Wet de langere termijn beoogt, tenzij er sprake is van een Noodwet. Maar dat staat er niet. De Corona Wet is geen Noodwet. De term komt niet voor in het wetsvoorstel. Er is sprake van een tijdelijke wet

De term 'Noodwet' komt wel voor in de Grondwet: Artikel 103: Uitzonderingstoestanden; noodwetten; oorlogstrafrecht.

In lid 1 is te lezen:

 De wet bepaalt in welke gevallen ter handhaving van de uit- of inwendige veiligheid bij koninklijk besluit een door de wet als zodanig aan te wijzen uitzonderingstoestand kan worden afgekondigd; zij regelt de gevolgen. 

Voorbeelden van Noodwetten uit het verleden zijn de Oorlogswet voor Nederland, waarin de staat van oorlog en de staat van beleg wordt geregeld en de Coördinatiewet uitzonderingstoestanden. Alsdan heeft het militair gezag belangrijke (bijzondere) bevoegdheden. Een andere noodwet is de Wet buitengewone bevoegdheden burgerlijk gezag. (bron: Wikipedia)

Is er dan geen sprake van nood(zaak)? Kennelijk wel, maar desondanks wordt de term niet gebruikt. Wellicht omdat de huidige crisis niet in verhouding staat tot een staat van oorlog, dan wel een staat van beleg. Zou de term 'Noodwet' weleens ongewenste associaties kunnen oproepen?

Overigens wordt de term nu wel volop in de media gebruikt, zoals we eerder werden gebombardeerd met wanstaltige propagandistische termen als 'frontsoldaten' en 'frontberichten', die toch doen vermoeden dat er wel degelijk sprake is van een oorlogssituatie, of op zijn minst een staat van pandemie.

Is er dan sprake van een uitzonderingstoestand? Dat is maar de vraag. In welke mate is Covid-19 dermate bedreigend voor onze samenleving dat dit een wet rechtvaardigt? Covid is een virus zoals er vele voorkomen in de natuur. De welbekende 'griep' maar ook 'verkoudheid' vinden hun oorsprong in de virale wereld. Covid lijkt weliswaar ernstiger te zijn voor de volksgezondheid dan griep, maar het staat nog ver af van een echt killer virus als 'ebola'. 

Overigens was het sterftecijfer tijdens de zware griep epidemie van 2017/18 nog altijd hoger dan de sterfte ten gevolge van Covid-19 in 2020, zoals mag blijken uit de 'Griep in beeld 2017/18' 'infograph' van het RIVM.

 

A-ziekte

In hoofdstuk 2 van de memorie van toelichting op de Wet is te lezen:

 ...Op 28 januari 2020 werd de Regeling 2019- nCoV gepubliceerd (Stcrt. 2020, 6800), die op dezelfde dag in werking trad. In deze regeling is het virus aangemerkt als behorende tot groep A van de Wpg en zijn alle bepalingen van de Wpg die gelden voor infectieziekten die behoren tot groep A van toepassing verklaard op de bestrijding van de epidemie van dit virus. Met het aanmerken van het virus als behorende tot groep A van de Wpg werd het advies opgevolgd van het Bestuurlijk afstemmingsoverleg infectieziektebestrijding (hierna: BAO), welk advies gebaseerd was op het advies van het Outbreak Management Team (hierna: OMT). 

Opmerkelijk: Covid-19 vekreeg op 28 januari de A status - waarmee ze gelijkschakeld werd aan pokken, polio, SARS en virale hemorragische koortsen zoals ebola, en, exact een maand later, op 27 februari 2020, werd de 1e Corona patient aangemeld in een ziekenhuis te Tilburg.

Bij een A-ziekte hebben zorgprofessionals een meldingsplicht als zij vermoeden dat iemand een drager van het virus is. Daarbij moet de patiënt minimaal 38 graden koorts hebben, in de afgelopen twee weken in besmet gebied zijn geweest, en twee of meer van de volgende verschijnselen hebben: hoesten, neusverkoudheid, keelpijn, tekenen van longinfiltraat. 38C koorts? hoesten? keelpijn? Het lijkt wel op griep!

 Naast de meldplicht kunnen nog andere maatregelen worden genomen zoals gedwongen opname tot isolatie of thuisisolatie, gedwongen onderzoek, gedwongen quarantaine (inclusief medisch toezicht), verbod van beroepsuitoefening.  (bron: RIVM)

De verheffing van Covid-19 tot A-ziekte vormt de opmaat tot de maatregelen die wij, uitgewerkt in noodverorderingen, hebben moet ondergaan en waarvan wij nu het formele wettelijk kader kunnen gaan tegemoetzien. 

 

Wettelijk kader

 Het aanmerken van het virus als behorende tot groep A brengt met zich mee dat de minister de leiding heeft over de bestrijding van de epidemie van het virus. De minister is voorts bevoegd de voorzitters van de veiligheidsregio’s opdracht te geven om bepaalde maatregelen te nemen of niet te nemen. De voorzitters van de veiligheidsregio’s (en niet meer de burgemeesters van de afzonderlijke gemeenten) zijn ingevolge de Wet veiligheidsregio’s (hierna: Wvr) bij uitsluiting bevoegd om, in het kader van de aanpak van het coronavirus, de openbare orde-bevoegdheden van de burgemeester uit te oefenen. De voorzitters van de veiligheidsregio’s hebben daar in alle gevallen gebruik van gemaakt en ter uitvoering van de door de Minister gegeven opdrachten noodverordeningen vastgesteld.  - memorie van toelichting op de Corona Wet.

Hieruit valt op te maken dat de Minister (van VWS), in het kader van de bestrijding van de epidemie, bevoegd is om de voorzitters van de veiligheidsregio’s opdracht te geven om bepaalde maatregelen te nemen of niet te nemen. Waaruit vloeit deze bevoegdheid voort?

Hiertoe wordt in het wetsvoorstel verwezen naar Artikel 7 Wet publieke gezondheid (Wpg). Deze wet vormt het wettelijk kader van de Corona Wet en - zo valt in Artikel 1 van het wetsvoorstel te lezen - wordt in eerste lijn gewijzigd, waarbij onder vernummering van hoofdstuk Va tot hoofdstuk VIIa na artikel 58 een hoofdstuk ingevoegd, luidende: Hoofdstuk Va. Tijdelijke bepalingen bestrijding epidemie covid-19."

In de voorgenomen Artikelen 58b en 58c van de Corona Wet wordt de ministeriële bevoegdheid middels het bestuurlijke instrument van de ministeriële regeling tot uitdrukking gebracht. 

 

Ministeriële regeling

Wat is een ministeriële regeling (minREG)? 

Een ministeriële regeling wordt gemaakt door één of meer ministers. Deze regelingen worden in de Staatscourant gepubliceerd.

In principe zijn het in Nederland de regering en de Staten-Generaal (de Eerste en Tweede Kamer) die gezamenlijk de bevoegdheid hebben om wetten te maken. Maar omdat het hen te veel tijd zou kosten om alle details in de vorm van een wet uit te werken, wordt in de Kamers vaak alleen besloten over de grote lijnen van een wet, de formele wet. Die kan daarna bijvoorbeeld uitgewerkt worden in een ministeriële regeling als de wetgever (de regering en de Staten-Generaal) daartoe besluit.

De Grondwet spreekt slechts over wetgeving door de Staten-Generaal en de regering, en daarom berust deze bevoegdheid van individuele ministers op delegatie. Deze delegatie kan voortkomen uit een wet. Een wet bepaalt dan dat verdere uitwerking geschiedt bij ministeriële regeling. Delegatie op delegatie (ook wel: subdelegatie) komt ook voor. De delegatie naar de individuele minister gebeurt dan per Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB). Een wet heeft naar een AMvB gedelegeerd, waarna de AMvB weer naar een ministeriële regeling delegeert. (Bron: www.parlement.com)

De Corona Wet vormt een set van tijdelijke bepalingen in het kader van de bestrijding van de covid-19 epidemie, welke door wijziging van de Wet Wpg van een wettelijk kader worden voorzien, maar welke bij wijze van ministeriële regeling tot uitvoering worden gebracht.

Dit mag de praktijk en het pragmatisme zijn op basis waarvan wetten totstandkomen, ware het niet dat de reikwijdte van deze Corona Wet nagenoeg de gehele samenleving beslaat, zo ook valt op te maken uit de memorie van toelichting:

  • Artikel 58e [Differentiatie]
    1. In een krachtens dit hoofdstuk vastgestelde algemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling kan onderscheid worden gemaakt tussen:
    a. gemeenten of groepen van gemeenten en de openbare lichamen;
    b. personen, op basis van leeftijd;
    c. activiteiten.
    2. In een krachtens dit hoofdstuk verleende ontheffing kan onderscheid worden gemaakt tussen:
    a. personen, op basis van leeftijd;
    b. activiteiten.
  • Artikel 58f [Veilige afstand]
  • Artikel 58g [Groepsvorming]
  • Artikel 58h [Openstelling publieke plaatsen]
  • Artikel 58i [Evenementen]
  • Artikel 58j [Overige regels] zoals:
    - hygiënemaatregelen
    - de uitoefening van beroepen
  • Artikel 58k [Zorgplicht publieke plaatsen]
  • Artikel 58l [Zorgplicht besloten plaatsen]
  • Artikel 58m [Maatregelen voor openbare plaatsen]
  • Artikel 58n [Maatregelen voor besloten plaatsen]
  • Artikel 58o [Zorgaanbieders en zorginstellingen]
  • Artikel 58p [Personenvervoer]
  • Artikel 58q [Onderwijsinstellingen]
  • Artikel 58r [Kinderopvang]

Om nog maar niet te spreken over:

  • Artikel 58u [Last onder bestuursdwang en last onder dwangsom)
  • Artikel 58v [Tijdelijke regels inzet digitale middelen]
  • Artikel 65a [Grondslag voor aanwijzing buitengewone opsporingsambtenaren]
  • Artikel 68bis [Strafbaarstellingen en strafsancties regels hoofdstuk Va]
  • Artikel II [Wijziging Arbeidsomstandighedenwet]
  • Artikel III [Wijziging Arbeidsveiligheidswet BES]
  • Artikel IV [Wijziging Wet kinderopvang]

Het gaat bij deze Corona Wet niet meer om noodverorderingen en dringende adviezen, maar om formele wetgeving en verboden. Omwille van de volksgezondheid wordt onze samenleving her-ijkt naar ‘het nieuwe normaal’, de 1,5 meter samenleving.

 

Reikwijdte

Zoals in Artikel 58b van de memorie is te lezen, kan: 

 Onverminderd de in artikel 7, eerste lid, bedoelde taak van Onze Minister om leiding te geven aan de bestrijding van de epidemie kan de in dat lid bedoelde bevoegdheid om een opdracht te geven aan de voorzitter van de veiligheidsregio, voor zover die opdracht strekt tot het vaststellen van algemeen verbindende voorschriften ter bestrijding van de epidemie, of een directe dreiging daarvan, worden toegepast voor zover de bij of krachtens dit hoofdstuk toegekende bevoegdheden niet toereikend zijn. 

Dit betekent nogal wat.

Zo kan bij ministeriële regeling aan de voorzitter van de veiligheidsregio opdracht worden gegeven tot het vaststellen van [nieuwe] algemeen verbindende voorschriften (AVV) voor zover [reeds] toegekende bevoegdheden niet toereikend zijn.

Alsof de waslijst aan maatregelen in deze wet nog niet genoeg is, dan kan ze per decreet nog verder worden uitgebreid. Ondemocratisch, omdat de parlementaire besluitvorming ontbreekt, zoals valt op te maken uit:

Artikel 58c [Vaststellen ministeriële regelingen]

  1. De vaststelling van een krachtens dit hoofdstuk vast te stellen ministeriële regeling geschiedt door Onze Minister in overeenstemming met het gevoelen van de ministerraad.
  2. Onze Minister zendt onverwijld na de vaststelling van een ministeriële regeling een afschrift daarvan aan beide Kamers van de Staten-Generaal.

De verantwoordelijk Minister 'gevoelt' de ministerraad alvorens na vaststelling van de regeling door de regering een bonnetje naar de Kamer te sturen.

Ongehoord! Zonder enige schroom wordt het democratische besluitvormingsproces buiten spel gezet, omwille van vermeende spoed en noodzakelijkheid.

75 jaar na de bevrijding van de tirannie dreigen wij 150 jaar terug te worden gezet in de tijd.

 

AVV (Algemeen Verbindend Voorschrift)

Over het democratisch gehalte van een AVV (oa. Gemeentelijke Verordering) kan ook nog wel wat worden opgemerkt; namelijk over de vaststellingsbevoegdheid:

Volgens artikelen 147 en 149 Gemeentewet komt de bevoegdheid tot vaststelling van gemeentelijke verordeningen in beginsel toe aan de gemeenteraad. Bij de wet of door de raad. Krachtens de wet kan de bevoegdheid evenwel ook toegekend worden aan het college van burgemeester en wethouders of aan de burgemeester. (Bron: Wikipedia)

De ruimte die deze wet laat mag pragmatisch lijken daar waar het incidenteel de openbare orde betreft en bestuurlijk maatwerk nodig is (lees: rampen, evenementen en dergelijke), maar deze Corona Wet is allesbehalve incidenteel een heel breedschalig. Ze sluit het democratische besluitvormingsproces op nationaal en lokaal niveau kort en introduceert regelgeving die ons land op botte wijze herstructureert: 'het nieuwe normaal'.

Veiligheidsregio's

Centraal bij de uitvoering van de wet staan de (voorzitters van de) veiligheidsregio's. Wat zijn veiligheidsregio's?

Nederland is verdeeld in 25 veiligheidsregio’s. Iedere veiligheidsregio zet zich in voor de veiligheid van de inwoners en bezoekers van dat gebied. Zo zorgt de veiligheidsregio ervoor dat er een brandweer is. Ook maakt de veiligheidsregio afspraken over de aanpak van rampen en crises. Een goede samenwerking tussen hulpverleningsdiensten, overheden, bedrijven en burgers is daarbij belangrijk. 

Bestuur veiligheidsregio
Het bestuur van een veiligheidsregio bestaat uit alle burgemeesters uit die veiligheidsregio. Eén van deze burgemeesters wordt bij Koninklijk Besluit benoemd tot voorzitter van de veiligheidsregio. Meestal is dit de burgemeester uit de grootste gemeente. Het bestuur van een veiligheidsregio is verantwoordelijk voor het instellen en in stand houden van de brandweer, de GHOR (GGD), de voorbereiding op branden en het organiseren van de rampenbestrijding en crisesbeheersing. (Bron: www.rijksoverheid.nl)

Kortom, een clubje door de Kroon benoemde, onverkozen, bestuurders gaat een centrale rol spelen bij de uitvoering en handhaving van de Corona Wet; waarbij de volgende etappe in deze lange mars door de instituties zich aandient: de GGD's

GGD

De GGD krijgt als wettelijke taak de bron- en contactopsporing van Covid, waarbij door de minister een programma Realisatie digitale ondersteuning is opgezet om tezamen met alle relevante partijen, naast RIVM en GGD bijvoorbeeld ook de Autoriteit Persoonsgegevens tot een zorgvuldige ontwikkeling hiervan te komen (lees: de Corona app).

 Dit wetsvoorstel bevat verder een bepaling die de mogelijkheid tot het gebruik van digitale middelen in het kader van de uitvoering van de wettelijke taken genoemd in artikel 6, eerste lid van de Wpg expliciteert. Hoewel de inzet van digitale middelen door de GGD al sinds jaar en dag gebruik is, wordt voorgesteld om die praktijk in elk geval met het oog de bestrijding van de epidemie van het virus expliciet te maken om daarmee maximale duidelijkheid daarover te geven. - Hoofdstuk 5.1 memorie van toelichting.

Kortom, die Corona app, die komt er.

Overtreding van de Corona Wet is een strafbaar feit, die strafrechtelijke consequenties kan hebben.

 

Buitengewone opsporingsambtenaren

Nu de instanties, de bij wet bevoegden, de gedelegeerden en de verantwoordelijken zijn benoemd, resteren de uitvoerders van de Wet.

  1. Met de opsporing van de in artikel 68bis strafbaar gestelde feiten zijn, onverminderd artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering en artikel 184 van het Wetboek van Strafvordering BES, belast de door Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Justitie en Veiligheid aangewezen ambtenaren...  - Artikel 65a, lid 1 [Grondslag voor aanwijzing buitengewone opsporingsambtenaren]

Wie zijn deze aangewezen ambtenaren?

Ingevolge artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering (hierna: Sv) zijn in Europees Nederland met de opsporing van alle strafbare feiten belast: (a) de officier van justitie; (b) politieambtenaren, zoals nader omschreven in art. 141, onder b; (c) ambtenaren van de Koninklijke marechaussee, zoals nader omgeschreven in art. 141, onder c; (d) de opsporingsambtenaren van de FIOD, de ILT-IOD, de NVWA-OPD en de ISZW-DO. Niet al deze opsporingsambtenaren zullen feitelijk de opsporing van alle strafbare feiten uit hoofdstuk Va Wpg ter hand nemen. De politie zal met name de opsporingsactiviteiten verrichten waar het overtredingen op openbare plaatsen betreft. Op publieke plaatsen en besloten plaatsen treedt de politie op bij excessen.

Ingevolge artikel 142, eerste lid, Sv kunnen voorts buitengewoon opsporingsambtenaren (hierna: boa’s) met de opsporing van strafbare feiten zijn belast. Wat betreft de op grond van artikel 142, eerste lid, onder a en b, met de opsporing van strafbare feiten belaste boa’s zal via een aanvulling van de bijlage bij de Regeling domeinlijsten buitengewoon opsporingsambtenaar worden bewerkstelligd dat met de opsporing van strafbare feiten uit hoofdstuk Va Wpg tevens worden belast de boa’s Openbare ruimte (domein I), de boa’s Milieu, welzijn en infrastructuur, waaronder boswachters (domein II) en de boa’s Openbaar vervoer (domein III).

Deze boa’s zijn sedert 28 maart 2020 ook belast met de opsporing van overtredingen van noodverordeningen en noodbevelen die verband houden met het virus. Hun opsporende taak op dit vlak wordt onder deze wet dus gecontinueerd.

 

Strafbaarstelling en sancties

 1. Met een hechtenis van ten hoogste een maand of geldboete van de eerste categorie wordt gestraft degene die handelt in strijd met het bepaalde bij of krachtens de artikelen 58f, eerste of vijfde lid, tweede zin, 58g, eerste of vierde lid, tweede zin, 58h, tweede lid, of 58i, tweede lid.  - Artikel 68bis [Strafbaarstellingen en strafsancties regels hoofdstuk Va]

De strafmaat kan oplopen tot en met een hechtenis van maximaal 6 maanden en een geldboete van maximaal €8700,- voor degene die handelt in strijd met artikel 58v, tweede lid. In dit artikel wordt een ieder verboden een ander direct of indirect te verplichten tot het gebruik van digitale middelen die worden ingezet ter ondersteuning van bron- en contactopsporing.

Voor elk strafbaar feit geldt een strafmaat. Hoe hoog de boete is hangt af van de ernst van de overtreding, omstandigheden, persoon van de verdachte (leeftijd, verleden met justitie). Iemand die een koptelefoon steelt bij een winkel kan bestraft worden met maximaal 4 jaar gevangenisstraf en een geldboete van €21750,-. De praktijk is dat een first offender (iemand die voor het eerst de fout in gaat) wordt bestraft met een boete of een taakstraf. (Bron: www.rijkoverheid.nl)

Het is verboden zich buiten de woning op te houden zonder tot andere personen een veilige afstand te houden. - Artikel 58f, 1e lid

Overtreding van dit verbod kan een celstraf van maximaal 1 maand betekenen of een maximale geldboete van €435,- 

Iemand die een koptelefoon steelt bij een winkel - dat heet diefstal. Zich buiten de woning op te houden zonder tot andere personen een veilige afstand te houden; hoe gaat deze misdaad heten? Coroneren?

Strafrecht?

Waarom is hier überhaupt sprake van strafrecht? Er is immers ook een bestuursrechtelijk sanctiestelsel. Dit is kennelijk een kwestie van keuze.

 Via het voorgestelde artikel 68bis Wpg wordt overtreding van bij of krachtens hoofdstuk Va Wpg gestelde regels strafbaar gesteld. In de artikelsgewijze toelichting op dat artikel wordt nader ingegaan op de strafbaarstellingen en strafsancties. Er is niet gekozen voor een bestuursrechtelijk sanctiestelsel (bestuurlijke boetes) of een gemengd strafrechtelijk en bestuursrechtelijk sanctiestelsel. De keuze voor het strafrecht sluit aan op de huidige wijze van handhaving van de noodverordeningen, waarvan de strafbaarstelling immers verloopt via artikel 443 van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr).  - memorie van toelichting 8.3. Handhaving (toezicht op de naleving, opsporing en sanctionering)

 

Grondwet

Bij de bespreking van de grondrechtelijke aspecten in Hoofdstuk 6 van de memorie van toellichting op de wet, wordt eens te meer duidelijk hoe ver en diep deze wet ingrijpt in onze grondrechten.

Recht op gezondheidszorg
De kapstok waaraan de Corona wet in eerste lijn wordt opgehangen is het recht op gezondheidszorg. Gezondheidszorg als fundamenteel mensenrecht is evident, maar gezondheidszorg bestaat uit meer dan alleen epidemiebestrijding, zeker als een aantal andere fundementele rechten hiervoor moeten wijken of toch tenminste aan inperking worden blootgesteld. Dit zijn niet de minste. In sommige gevallen is de onmiddellijke impact niet duidelijk, maar het feit dat de opstellers van de wet ze vermelden geeft stof te denken:

  • Huisrecht (besloten plaatsen en woningen)
    Het wetsvoorstel voorziet in beperkingen aan het huisrecht dat wordt beschermd door artikel 10 Grondwet, voor zover het gaat om de persoonlijke levenssfeer in een woning (artikel 58n)
  • Vergaderen, betogen en belijden van godsdienst
    Dit wetsvoorstel raakt de uitoefening van de onderhavige rechten in zoverre dat het regelt dat in gebouwen en besloten plaatsen, de veilige afstand in acht moet worden genomen.
  • Vrijheid van verplaatsing
    Het recht voor een ieder om zich vrijelijk te verplaatsen is niet opgenomen in de Grondwet. Gelet op de betekenis van het begrip ‘wet’ in deze [internationale] Verdragen behoeft dit geen wet in formele zin te zijn. Een lager wettelijk voorschrift, zoals een bevel of een ministeriële regeling valt ook onder de reikwijdte van deze beperkingsmogelijkheid.
  • Eigendomsrecht
    Een inmenging ten aanzien van het recht op eigendom is gerechtvaardigd indien dit is gebaseerd op een wettelijk voorschrift en indien dit in het algemeen belang noodzakelijk is.

 

Grondslag

De grondslag voor de Corona Wet lijkt discutabel. Er is geen sprake van een uitzondering in de medische (virale) context. De aanwezigheid van een virus als Covid-19 is niet uitzonderlijk en de effecten (anders dan economisch) zijn niet uitzonderlijker in vergelijking tot andere recente epidemieen. 

De Wet tekst, waarvan de consultatieversie eenvoudig is op te vragen via het internet, is bepaald niet scheutig waar het de grondslag voor de invoering betreft. Er wordt uitgebreid stilgestaan bij de voorgeschiedenis, maar hierin is vooral 'het hoe' te lezen en niet 'het waarom'. 

De opstellers van de wet hebben kennelijk afgezien van de mogelijkheid tot invoering van een Noodwet, zoals die in de Grondwet wordt geboden, maar hebben gekozen voor een Tijdelijke Wet, een tijdelijke wet waarmee zoals met een repeterend geweer nieuwe edicten kunnen worden uitgevaardigd. De '2e golf' is al aangekondigd; komt er een 3e of 4e, enzovoorts?

Luisteren naar de wetenschappers

Het RIVM oreert als het orakel van Delphi, waarna de hogepriesters van het Outbreak Management Team tot interpretatie van de teksten overgaan. Ook hier lijkt de gekozen volksvertegenwoordiging een secundaire rol te vervullen. We moeten luisteren naar de wetenschappers, zo wordt ons verteld. Welke wetenschappers? Inmiddels is vanuit alle richtingen een tegengeluid hoorbaar. Een geluid dat gehoord moet worden, maar krijgt dit ook de kans?

 There is something rotten, in the state of The Netherlands... 

Author(s): Peter LJ Hesen